Tim Hofstede ambieert vervolgstap (deel 2)
22 april 2015 om 15:05
Met zijn 1.82m is Hofstede niet de langste verdediger. Kan dat een reden zijn waarom Hofstede nog niet bij een eredivisieclub speelt? “Ik mag hopen van niet”, laat hij weten aan TjerkstraMedia in het vervolg van het interview.
Lengte
“Ik heb dan misschien niet de ideale lengte maar ik kan wel zeggen dat ik al bijna vijf seizoenen alles heb gespeeld voor Den Bosch. Ik ben een speler die voorop gaat in de strijd, die op meerdere posities uit de voeten kan en die zeker voor Eredivisieploegen uit het rechterrijtje een meerwaarde kan zijn. Ik weet dat ik het kan.”
“Zoals Jordens Peters onlangs ook in de media ventileerde mag lengte geen probleem zijn voor een club. Als je de eigen kwaliteiten goed benut, tactisch staat zoals je moet staan en je mannetje staat in de duels dan hoef je zeker niet onder te doen voor een langere speler”, meent Hofstede. “Peters is een linksbenige verdediger, ik ben een rechtsbenige verdediger en daar heb je er in het hedendaagse voetbal meer van. Dat kan ook meespelen. Ik heb anderhalf jaar met Jordens samen mogen spelen bij FC Den Bosch. Die samenwerking verliep uitstekend. In het laatste seizoen samen stond de defensie als een huis. Er kwamen weinig spelers doorheen.”
Ik ben wie ik ben
Hofstede wordt weleens verweten arrogant te zijn, maar als mensen hem leren kennen dan is die insinuatie totaal niet aan de orde. De speler is mogelijk zelfs te bescheiden. “Ik ben een vrij rustige jongen, maar kan niet goed tegen mijn verliezen”, zegt de verdediger tegen TjerkstraMedia. “Ik kan dan bloedlink zijn. Die eigenschap hoort elke speler te hebben. Ik blijf daarentegen rustig want ik weet dat ik een voorbeeldfunctie heb en professioneel moet zijn. Ook al verlies je de wedstrijd, je moet altijd de supporters die zijn gekomen bedanken voor de steun. In het veld zal ik alles geven, maar kritisch zoals ik ben op mijn eigen presteren, weet ik dat alle punten bijgeschaafd kunnen worden. Ik zou in het veld misschien nog meer een leider moeten zijn. In het dagelijks leven blijf ik echter Tim en ben ik wie ik ben.”
Wisselingen
Hofstede begon het seizoen links in het centrum. “Ik heb een tijdje links gestaan en heb met alle linksbacks die de selectie herbergt naast me gespeeld. De wisselingen in het elftal zijn niet bevorderlijk voor het spel geweest. Een aantal spelers die niet op hun eigen positie stonden konden daardoor niet opvallen of hun eigen niveau halen. Na de blessure van Maarten Boddaert ging ik weer aan de rechterkant spelen. Ik weet dat ik veel wedstrijden achter mijn naam heb staan als rechtsbenige centrale verdediger, maar een plek op het middenveld past misschien nog wel beter bij mij,” verklapt Hofstede. Onder Jan Poortvliet speelde hij een tijdje als verdedigende middenvelder. Door een blessure van een centrumverdediger moest hij toentertijd terug naar het centrum.
Middenveld
“Op de positie van defensieve middenvelder worden mogelijkerwijs mijn kwaliteiten meer weergegeven. Ik heb dan ook geen last meer van mensen die zeuren over mijn lengte”, lacht Hofstede. “Mijn kwaliteiten liggen op het middenveld in het uitschakelen van de diepgaande middenvelder, de nummer tien. Daarnaast beschik ik over een goede inspeelpass waarmee ik het spel goed zou kunnen verdelen. Mohamed El Makrini bekleedt zo’n rol bij Cambuur. Ik heb met hem samen gespeeld en volg hem. Door de duels op het middenveld al te winnen bied je de verdedigers de helpende hand.”
Doelstelling
Hofstede, die zichzelf een onderschatte voetballer vindt, wil met zijn team het seizoen goed en waardig afsluiten. “Ik weet dat het seizoen zo goed als klaar is voor ons, maar voor mezelf heb ik nog zeker een doelstelling. Ik mocht dit seizoen elke wedstrijd in de basis beginnen en wil dat volhouden tot aan de laatste wedstrijd. Of dat gaat lukken weet ik niet, want ik kamp al een tijdje met kleine kneuzinkjes aan de voet. Hopelijk kan mijn fysiotherapeut Tijn van Steen mij oplappen voor de komende wedstrijden. Hij is er mede verantwoordelijk voor dat ik al zolang speel. Ik vertrouw hem voor de volle honderd procent. Als hij zegt dat ik kan spelen speel ik, als hij zegt dat ik beter niet kan spelen dan speel ik niet. Daarnaast weet ik dat ik op vier kaarten sta waardoor een schorsing ook op de loer kan liggen.”
Bron: Tjerkstra Media