Yoann de Boer moet soms worden afgeremd
8 augustus 2008 om 10:41
Als jongetje keek Yoann de Boer zijn ogen uit. Hij was jeugdspeler van Olympique Marseille en daarmee automatisch ook ballenjongen van de grootste club van Frankrijk. Het waren de hoogtijdagen, hij zag er Jean-Pierre Papin en Sonny Anderson schitteren.
Als De Boer (26) over Frankrijk en vooral geboortestad Marseille praat, glundert hij. De zon, de relaxte leefstijl van het zuiden, hij houdt ervan. Maar zijn leven speelt zich al tien, elf jaar af in het gehaaste Nederland. "Thuiskomen, eten en weer wat anders gaan doen. Dat gejaagde, daar heb ik lang aan moeten wennen. Wij houden van uitgebreid eten, tussen de middag en 's avonds. Met familie aan tafel. En ik word graag wakker met zon en een blauwe lucht." Toch baalde hij er niet van toen zijn Nederlandse vader en Franse moeder op zijn zestiende besloten naar Nederland te verkassen. "Ik was klein, licht en dun. Bij Marseille raakte ik op een zijspoor, ze selecteerden er op fysiek. Dus ik had al besloten daar te vertrekken." Dat het voetbalvereniging Boxtel werd, oké, dat had hij niet bedacht. "Maar ik had voetbal nodig om nieuwe vrienden te maken. Ik had alles achtergelaten en had moeite met de taal."
Maar De Boer was 17 en wilde niet bij Boxtel eindigen. Hij liep stage bij PSV, Willem II en FC Den Bosch. In Eindhoven en Tilburg waren ze er snel uit: binnenhalen die De Boer. In Den Bosch zagen ze het niet in hem zitten. Toen nog niet. Het werd Willem II en hoewel De Boer er als jojo werd gebruikt ('ik stond voornamelijk linksbuiten, geloof me: daar ben ik echt geen speler voor'), leerde hij snel bij. "Ik speelde in de jeugdcompetitie tegen Sneijder, Van der Vaart en Van Persie. Dat kon ik wel gebruiken na Boxtel."
En prompt meldde FC Den Bosch zich weer. De voorwaarden om voetbal te combineren met school waren in Eindhoven echter beter. "Ik heb bij FC Eindhoven zes mooie jaren gehad. Klinkt vreemd, maar ik ben daar het betaald voetbal ingerold. Dat is anders dan voor spelers die van een andere club bij Eindhoven zo'n jaar als vorig jaar meemaken. Maar het was nu ook wel mooi geweest."
FC Den Bosch kwam voor de derde keer en de zaak was nu snel beklonken. "Mijn broertje heeft er gevoetbald en mijn vader was er studiebegeleider. Ik kende de club. Er waren mensen die zeiden dat ik de eredivisie aankon, maar die stap maak je niet snel vanuit FC Eindhoven."
Wie verwacht had dat De Boer bij FC Den Bosch eerst rustig de kat uit de boom ging kijken, zit ernaast. In de eerste oefenwedstrijden, naast routinier Arjan Ebbinge, bemoeide hij zich meteen met van alles: posities, passing, dekking. "Dat had ik in de laatste jaren bij Eindhoven geleerd. Ik was daar captain en heb die stijl maar aangehouden. Het is altijd beter als er twee of drie coachende spelers zijn." Net als zijn broer (die nu bij Eindhoven tegen het eerste team aanhikt) is Yoann de Boer van origine een middenvelder. Maar, ook net als bij broer Michael, zetten trainers hem consequent achterin. "Veel mensen zeggen dat ik daar beter sta. Of ik dat ook vind... Ik weet het eigenlijk niet. Achterin is het weer wennen en automatismen vinden. Ik ben al lang blij dat ik me nu nog maar op twee posities hoef te concentreren."
Dat tengere postuur van vroeger heeft hij niet meer. De Boer is sterk en gespierd. Daarom zetten trainers hem nu achterin. En of dan die basisplaats er meteen in zit, De Boer weet het niet. "Ik zou naast Arjan kunnen spelen, maar moet de concurrentie aangaan met Peter van den Berg. Het middenveld kan ook, maar daar heb je Ivo Rossen." Op de bank zetten kan je met De Boer ook beter niet doen. "Als ik ernaast sta, kook ik van woede. Niet dat iemand dat merkt, ik blijf een teamspeler. Maar dan zie je me een week niet lachen op de training en geef ik nog meer. Ik zal laten zien dat ik er in hoor."
Hij moet soms worden afgeremd, weet De Boer. Afgelopen zaterdag miste hij het oefenduel met Cambuur. Een verkramping in zijn been. "Dan baal ik als een stekker. Als je het mij vraagt zeg ik: spelen! Maar ik ben het maar eens aan de fysio gaan vragen. Die zei dat ik beter kon rusten. Nou dat doen we dan maar." Hij heeft geleerd. "In Eindhoven heb ik maanden met een scheurtje in mijn meniscus rondgelopen. Ik voelde het wel maar wilde spelen, spelen, spelen. Toen ik me liet opereren zou er zes weken voor staan. Maar na drie weken rende ik alweer over het veld."
Met FC Den Bosch wil De Boer de titel. Hij is daarin heel uitgesproken. "Als je de kwaliteiten hebt, en ik denk dat we die hebben, moet je daarvoor gaan. Als halverwege blijkt dat plek drie het hoogst haalbare is, het zij zo." Een ander levensdoel staat ook vast: De Boer gaat terug naar Frankrijk. Hoe en wanneer is nog vaag. "Brabant is gezellig en gemoedelijk. Maar ik heb nog altijd vrienden en familie in Frankrijk en ga terug." Tot die tijd zit De Boer goed in Tilburg. "Het is geen Marseille, maar ik voel me er goed." En weer die verwijzing naar zijn familie. "Mijn broertjes wonen er ook. Die vinden het leuk als ik blijf. Komen ze bij me gamen."
Bron: Brabants Dagblad